|
De
twee engeltjes stonden netjes naast elkaar in de rek. Het ene engeltje
had een fluitje bij, het andere was kleiner en stond met zijn armen
ver uit elkaar, klaar om te gaan vliegen.
'Mama,
deze vind ik leuk. Die wil precies gaan vliegen ...', zei Annelientje.
Het
meisje was net zeven jaar geworden en vond alles met vleugeltjes
geweldig. Elfjes, engeltjes, pluimpjes ... Ze keek naar de andere
beeldjes en bedacht zich toen ze het grotere engeltje met het fluitje
zag staan.
'Maar
deze is ook mooi', twijfelde ze.
Mama
bekeek de beeldjes en hun prijskaartjes en knikte. Voor dat beetje
geld kon zij ze allebei kopen. Ze knikte en de beide engeltjes kwamen
bij de andere aankopen terecht. Het engeltje met de gespreide armen
stootte het andere even aan.
'Zie
je wel dat wij eerst zouden weg zijn', grinnikte het.
'Sssht.
Niet zo hard', waarschuwde de fluitengel. 'Dadelijk horen ze je
nog.'
Hij
keek streng maar het andere engeltje was te opgewonden.
'Ik
ben benieuwd waar we terecht gaan komen ... Zouden ze een boom hebben?'
De
fluitengel begreep hem niet. 'Boom? Moeten ze een boom hebben?'
'Ja,
zo eentje met veel bollen en slingers en ...'
Het
engeltje deed zijn oogjes dicht en was even stil.
'Lichtjes!'
riep hij toen veel te luid.
'Sssht, stil nou', zei de fluitengel streng.
Het
fluitengeltje draaide met zijn oogjes en bekloeg het zich dat ze
samen gekocht waren. Hij vond het niet fijn dat het andere engeltje
zo luidruchtig was. Hij was rustig en nam zijn taak heel serieus.
Hij wilde zijn best doen om Kerstmis zo rustig en vredelievend mogelijk
te houden.
'Stel
je voor', ging het enthousiaste engeltje verder. 'Stel je voor dat
je door zo'n lichtjesboom kunt vliegen, tussen al die blinkende
bollen.'
'Sssht',
probeerde de fluitengel de andere nogmaals te bedaren.
Maar
hij ging maar door. Alleen aan de kassa was het kleine engeltje
even stil. In de auto en zelfs bij Annelientje thuis, kon het kleine
engeltje niet zwijgen. De aankopen werden aan de kant gezet tot
na het avondeten. Daarna werd alle kerstmateriaal en ook de beeldjes
uit de zak gehaald.
Mama
en Annelientje waren druk bezig met de kerstboom op te tuigen toen
de poes kwam kijken. Ze snuffelde aan de nepboom en bekeek de blinkende
bollen nieuwsgierig. Ze wandelde voorbij de beeldjes, spitste toen
haar oren en kwam terug. Ze had iets gehoord wat haar nieuwsgierig
maakte. Ze snuffelde nog eens extra aan het kleine engeltje met
de gespreide armen. De lange, zwarte snorharen kietelde het engeltje
onder zijn armen en het moest heel erg zijn best doen om niet in
lachen uit te barsten. Maar de poes vond niets abnormaal en trippelde
verder naar de pluimpjesdoos. Ze stak haar zwarte snoet in de doos
en sprong achteruit. Er was een klein wit donspluimpje aan haar
snoet blijven plakken en ze had moeite om het eraf te krijgen. Ze
trippelde achteruit en raakte verstrikt in een slinger.
'Dat
komt ervan als je jouw neus in zaken steekt, die niet voor jou zijn',
zei het kleine engeltje treiterig.
De
poes kringelde rond Mama's benen terwijl ze met haar pootje het
pluimpje en de slinger van zich af probeerde te krijgen. Mama viel
over de poes, verloor haar evenwicht en trok met de lichtjes in
haar handen de kerstboom mee om. Gelukkig hingen er nog geen ballen
in.
'Mauwx,
maak dat je wegkomt', mopperde ze op de poes terwijl ze recht krabbelde.
De zwarte kat met het witte pluimpje was al in een hoekje weg gevlucht.
Annelientje plukte het pluimpje van haar snuit en aaide ze even.
'Zou
jij nooit eens willen vliegen?' vroeg ze dromend aan het zwarte
beest.
'Ik
denk het wel', antwoordde Mama. 'Vooral om vogeltjes te kunnen vangen.'
Mauwx
vond aan al dat boomgedoe maar niks en zocht haar plekje in de zetel
op. Ze begon aan een uitgebreid wastoilet terwijl ze argwanend de
mensen in het oog hield. Een uurtje later hingen alle kerstfiguurtjes
in de boom en werd het kerststalletje opgebouwd.
'Het
kindje er nog niet inleggen, hé', zei Mama. 'Het is nog geen Kerstmis.'
Terwijl
Annelientje de os en de ezel in het stalletje zette en de herdertjes
zocht, zette Mama de rest van de figuren op de kast.
'Die
komen later pas', legde ze uit.
Toen
alles helemaal klaar was, werden de lichtjes aangestoken. De hele
boom schitterde helder met heel veel mooie kleurtjes. Het kleine
engeltje met de gespreide armen was verrukt.
'Zoveel
lichtjes ...' riep hij blij.
Hij
schoof nog dichterbij het lichtje dat vlak bij hem hing. Het was
er lekker warm en zo konden ze hem goed zien hangen.
'Maak
mij maar extra mooi, want ik wil dat iedereen mij ziet', gebood
hij aan het lichtje vlak bij hem.
Op
het einde van de avond ging iedereen naar bed. De lichtjes in de
boom bleven branden.
'Prachtig
toch, hé. Fluitje, ik krijg er niet genoeg van', begon het kleine
engeltje.
De
grote fluitengel zweeg.
'Kijk
toch eens hoe veel lichtjes en hoeveel volk ...' taterde het kleine
engeltje verder.
Omdat
de grote fluitengel niets terug zei, begon hij een uitgebreid gesprek
met de kerstman en de rode kerstbal die vlak bij hem hingen. De
kerstman knikte en liet de kleine engel verder ratelen. Ook de rode
kerstbal was niet veel van zeggen. Het kleine engeltje sprak daarop
de zilveren fluit en een glazen bol van iets verder aan. De glazen
bol begon zachtjes te tingelen en de fluit floot heel stil het deuntje
mee. Het kleine engeltje vond het allemaal prachtig en snaterde
erop los. Hij kreeg uiteindelijk een groen pakje aan de praat.
'Wat
ben jij geheimzinnig', riep het engeltje naar het pakje. 'Wat zit
er onder jouw papiertje?'
'Ik
vertel het lekker niet', zei het pakje. 'Ik heb een geheim en niemand
mag het weten.'
'Toe,
groen pakje', drong het engeltje aan. 'Ik ben nieuwsgierig, kun
je me niet vertellen wat jouw geheimpje is?'
'Neen,
want dan is het geen geheimpje meer.'
Het
gesprek ging nog een tijdje door maar hoe het engeltje ook aandrong,
het groene pakje zweeg over zijn lege inhoud.
Ondertussen
kreeg het engeltje het heel erg warm, zo dicht bij het lampje. Hij
begon er van te puffen. Het lampje was op zijn teentjes getrapt
omdat het engeltje alleen in de aandacht wilde staan. Het was toch
de bedoeling dat ze met zijn allen mooi zouden zijn? En niet eentje
alleen. Het lampje gaf extra veel warmte. Het zou dat pronkerige
engeltje eens laten zweten ...
De
grote fluitengel vond het tijd om het gezwets te stoppen.
'Kun
jij nu niet even die grote mond van je houden?' zei hij boos. 'Straks
maak je nog iedereen wakker met je heftig gedoe.'
Het
kleine engeltje hoorde de opmerking van de fluitengel niet.
'Auw
auw', riep hij toen zijn vleugeltjes het veel te warm kregen. 'Straks
smelt ik nog', riep hij tegen het lampje.
Terwijl
hij zover mogelijk probeerde weg te schuiven, voelde hij iets kriebelen
onder zijn armpjes. Het kietelde. Het engeltje verschoof een beetje
maar het kietelen bleef doorgaan. Hij voelde ook een warme zucht.
Zou er nog een lampje boos zijn op hem?
Hij
draaide zich om en zag een enorme zwarte snuit met twee gaten in.
Hij voelde weer een warme zucht en schrok zo hard dat hij tegen
het warme lampje vloog. Dat schroeide zijn vleugeltjes en gaf hem
zo'n harde trap dat het engeltje tegen de snoet op vloog. De poes
sprong achteruit en keek met boze ogen loerend naar het engeltje
met de gespreide armpjes.
'Help,
wat nu?' riep het engeltje in paniek maar het was al te laat.
De
poes had haar pootje met de getrokken nageltjes klaar. Ze tikte
tegen het engeltje tot hij van zijn tak af schoof.
'Help,
ik kan niet vliegen', schreeuwde het naar de fluitengel.
'Je
hebt toch vleugels', riep die terug.
Net
voor het engeltje op de grond zou vallen, probeerde het zijn vleugeltjes
uit. Met kleine schokjes werd zijn val afgeremd. Hij landde zacht
op de grond en stond verwonderd rond te kijken. Hij was niet stuk
gevallen. Het engeltje bedacht plots dat hij echt kon vliegen ...
De
poes gaf het echter nog niet op. Dit was iets speciaals. Een vliegende
muis uit de kerstboom ... Zou die lekker zijn? En opnieuw tikte
de zwarte poot tegen het engeltje.
'Hé, wil je daar eens mee stoppen', brulde het engeltje vol zelfvertrouwen.
Doch
de poes verstond hem niet en wilde alleen maar spelen. Ze tikte
opnieuw en dit keer zo hard dat het engeltje een einde weg rolde.
'Hé,
groot beest. Ik ben niet om mee te spelen. Ik hoor in de kerstboom
...' riep hij weer maar de poes hoorde hem niet.
Nog
voor hij weer een tik kon krijgen, deed het engeltje moeite om te
vliegen. En ja hoor. Langzaam maar zeker kregen zijn vleugeltjes
meer vaart. Hij vloog omhoog.
De
vliegende muis kon vliegen? Dit was nog interessanter. Zou die ook
smaken als een vogeltje? De poes zette de achtervolging in.
Het
engeltje vloog door de woonkamer met de poes achter zich aan. Toen
het engeltje even wilde uitrusten op de kast, sprong de zwarte poes
er ook op. In haar haast om het engeltje te pakken, stootte ze de
drie Wijzen uit het oosten om. Daarna viel een grote glazen vaas
van de kast. Met veel kabaal viel die kletterend in gruzelementen
op de grond. Daarna kwam een bloempotje ten val ...
Het
engeltje ging harder en harder vliegen terwijl de poes nog meer
haar best deed om hem te pakken. Het vliegende engeltje met de poes
in zijn kielzog, trokken een spoor van vernielingen door de woonkamer.
Het kleine engeltje was ten einde raad. Die zwarte schaduw bleef
hem maar achtervolgen en hij werd moe.
Van
pure ellende keerde hij terug naar de kerstboom. Hij vloog tussen
de lichtjes en de figuurtjes door en verstopte zich achter een slinger.
De poes zat met wiebelende staart naar al die lichtjes in de boom
te kijken. Ze speurde elke tak na en zat klaar om te springen. Plots
kreeg ze het engeltje in het oog. Ah, daar zat die vliegende muis
... En ze sprong.
Ze
kwam echter niet aan in de boom. Ergens tussenin was ze blijven
hangen ... Aan een hand. Een hand van Papa! Hij was wakker geworden
van al dat kabaal en kon de poes nog net uit de kerstboom plukken.
Terwijl
het engeltje van schrik en inspanning achter de slinger, hijgend
was blijven liggen, maakt de poes voor de eerste keer een vlucht.
Papa was niet boos, toen hij de ravage zag. Hij was woest en gaf
de poes de schuld. Daarop liet hij haar vliegen, van de keuken tot
in het washok. En toen ging de deur dicht. Het zou nog even duren
voor de poes weer vrij mocht.
Ondertussen
waren Mama en Annelientje ook op. En terwijl Papa het verhaal van
de poes deed in de kerstboom, viel het Annelientje op dat er een
lege plaats was, waar ze het vliegende engeltje eerst had gehangen.
'Mama,
heeft de poes dat vliegend engeltje opgegeten?' vroeg ze niet begrijpend.
'Dat
kan toch niet, Annelientje. Poezen lusten geen porselein', legde
Mama uit.
'En
toch is het engeltje weg', zei de kleine meid.
'Misschien
ligt het ergens op de grond. Morgenvroeg zullen we het wel vinden.
Nu is het laat en moet jij terug naar bed.'
Annelientje
ging weer slapen terwijl Mama en Papa de rotzooi opruimden. Van
het vliegende engeltje was er geen spoor. Het engeltje waagde zich
niet meer buiten de kerstboom. Het bleef rustig wachten, achter
de slinger.
Pas
toen de kerstdagen voorbij waren en de boom weer werd afgebroken,
vond Annelientje het engeltje hoog in de boom, achter een grote
slinger. Het is altijd een raadsel gebleven hoe het daar terecht
gekomen was.
In
de jaren die volgden, werd het vliegende engeltje nog vaak in de
kerstboom gehangen, maar hield het zich stil ... Muisstil!
|